Tierra Estella staat symbool voor historische plekken, heerlijke wijn en de harmonie van het gebergte van Urbasa en Andía. Deze bergketens kennen een bijzonderheid; ze zijn namelijk algemeen bezit waardoor iedereen in Navarra er gratis gebruik van mag maken. Als iemand erom vraagt krijgt hij zijn portie brandhout om in de winter de kachel aan te maken.
We nemen de weg naar Logroño, de N111, die over de bergpas van de Perdón met haar windmolens voert.
We rijden door Puente la Reina en komen in Estella, waar we omheen rijden tot aan een kruising. Hier slaan we af richting centrum, en richting San Sebastián en Vitoria.
Als we Estella uitrijden nemen we de weg NA120 naar San Sebastian via Etxarri-Aranaz. In Abárzuza nemen we een weg die na vier kilometer bij het mannenklooster van Irantzu uitkomt. Het ligt midden in een mooie kloof, gevormd door een rivier. Van oorsprong Benediktaans, maar in de twaalfde eeuw Cisterciëns. Nog steeds kan men de kerk met haar drie kamers en kruisbogen bezichtigen, evenals het Gothische klooster, de kapittelzaal en de keuken.
Weer terug, net na Abárzuza, slaan we rechts af en nemen we een weggetje zonder aanwijzingen dat ons op de tien kilometer lange route naar Olazagutía brengt.
Opgelet, we pakken de afslag naar Baquedano waar we boven in het dorp een zandweg nemen. Na een halve kilometer komen we bij een vlakke akker uit.
Van hieruit gaan we te voet verder, een schitterende wandeling van zo'n 45 minuten tot aan de oorsprong van de Urederra rivier; indrukwekkende watervallen, rotsachtige kliffen en een gevarieerd bos (beuken, lindebomen, hazelnoten, esdoorn). Hier komt het water vrij dat door het Urbasa gebergte op is genomen.
Het water is niet alleen indrukwekkend vanwege haar schoonheid (Urederra betekent “prachtig water” in de Baskische taal), maar ook omdat het ijskoud is!!
Eenmaal terug komen we bij Estella, mooie monumentenstad, zeker een bezoekje waard, net als Puente la Reina. Nauwelijks Puente uit nemen we de afslag richting Obanos om naar het achtvormige kerkje van Santa Maria de Eunate te gaan. We raden u aan om van hieruit terug te rijden naar de weg van Puente of de weg van Muruzabal en Uterga te pakken totdat we weer bij de N111 uitkomen.
Het kerkje van Eunate
Eunate is een mooi kerkje, eenvoudig en met charme, achtvormig en met een mooie booggalerij.
Er omheen ligt een vlak en rustgevend landschap, met bewerkte velden, graanvelden en wijnplantages. Eunate kent vele legendes omdat men niet precies weet wat de oorsprong van het kerkje is. Men denkt dat het werd gebouwd door de adel van Valdizarbe na een bedevaartstocht naar Jerusalem. Er wordt gezegd dat het van de Tempelridders was of dat het diende als kerk-en vuurtoren om de bedevaartsgangers die bij nacht aankwamen de weg te wijzen.
Omdat het midden op de Camino de Santiago ligt is Eunate lange tijd een slaapplaats en ziekenhuis voor bedevaartsgangers geweest, en velen van hen zijn hier door oververmoeidheid gestorven en vervolgens begraven.
Deze kerk is een mooi stukje romaans bouwwerk uit de dertiende eeuw. Op de voorgevel zijn mysterieuze gezichten en monsterlijke afbeeldingen te zien. Het kerkje heeft een vreemde achtvormige structuur, een fantastische atrium en verschillende kapitelen.
Eunate betekent “honderd deuren” in de Baskische taal (eun-ate) en “welgeboren” in het Latijns (eu-nato). Hoe dan ook, we lopen door de kerkdeuren naar binnen waar we een gewelf vinden met vierkante nerven die duiden op Arabische architectuur.
Niet ver van Eunate ligt Obanos, een mooi dorpje, in de twaalfde eeuw zetel van de Orde van de Infanzones, een groep edelen die vochten tegen eventueel misbruik door de koningen. Iedere zomer wijden de inwoners van Obanos zich aan de voorstelling van het Misterie van Obanos, een voorstelling die de tragedie vertelt van San Guillén en Santa Felicia, een jonge hertog die het niet aan kon zien dat zijn adelijke zus voor de armen zorgde en die haar daarom vermoordde. Hij had ontzettende spijt van zijn daad en trok zich daarom terug in het kerkje van Arnotegui. Een mooi schouwspel dat te zien is op het dorpsplein van Obanos.
Estella: de stad van de Ega
Estella is een monumentenstad vol geschiedenis. Ieder hoekje, gebouw of kerk is artistiek.
Gebouwd in 1090 door koning Sancho Ramírez boven het Baskische dorp Lizarra om de bedevaartsgangers te helpen. Lizarra werd al gauw een belangrijk punt op de Jacobsroute. De Franken kwamen en steeds meer Joden vestigden zich in de stad. Hierdoor groeide Estella uit tot een groot Joods centrum.
Estella erfde een belangrijk bedrijfsleven en het was bovendien het geografische punt dat bergen en woestijn verenigde.
In de negentiende eeuw werd Estella de hoofdstad van de Carlistische staat, met haar eigen ministers en zelfs haar eigen wetgeving.
De stad bezit veel kunstwerken. We starten op het San Martín plein waar het paleis van de Koningen van Navarra staat, uit de twaalfde eeuw en een uniek exemplaar van niet religieuze romaanse kunst. Vandaag de dag is het een museum, dat van Gustavo de Maeztu.
Het Gerechtshof van de streek, uit de achttiende eeuw, ligt bij de trappen. Terwijl we omhoog lopen zien we de kerk van San Pedro de la Rúa uit de twaalfde eeuw, met haar mooie ingang en romaans klooster.
In de Rúa straat vinden we het paleis Fray Diego de Estella (nu een cultureel centrum), het paleis van de Gouverneur en de eenvoudige brug van de Gevangenis ofwel san Augustin.
De Gothische kerk van Santo Sepulcro, het Gothische nonnenklooster van Santo Domingo en de romaanse kerk van Santa Maria Jus del Castillo bevinden zich ook hier.
En nog steeds zijn er mooie plekken die we niet gezien hebben, zoals de kerk van San Martin, het Fueros- en Santiago plein waar het iedere donderdag markt is, met kraampjes waar men handgemaakte spullen verkoopt zoals tegelwerk, doeken, dierenhuiden, houtwerk,...
En niet te vergeten de kerk van San Juan, het klooster van de Recoletas, de basiliek van de Maagd van Puy, uit de twintigste eeuw , het klooster van Santa Clara en de kerk van Nuestra Señora de Rocamador.
We kunnen bovendien lekker eten hier; varken aan het spit, kaas van Idiazábal, pikante pepers uit Lodosa en goede Rioja wijn. Veel wijnkelders zijn te bezoeken.
Puente la Reina – Garés
“En van hieruit worden alle Jacobswegen één” staat er op het bedevaartsmonument dat ons welkom heet. En het is echt zo; in Puente la Reina komen de routes samen die vanuit Somport en Valcarlos komen.
De naam Puente la Reina is te danken aan de schitterende romaanse brug gebouwd van steen en ouder dan het stadje zelf. Sommigen vertellen dat de brug gebouwd was voor een koningin, anderen zweren dat het woord niet “Regina” was maar “Runa”, dat lang de naam was van de Arga rivier.
Deze mooie brug werd gebouwd aan het begin van de elfde eeuw.
Vandaag de dag heeft de brug zes “ogen” die allemaal half geopend zijn, en nog eén oog ligt onder de grond. Een aantal kleine boogjes die in de stenen zijn uitgekapt laten het water door als het niveau van de rivier steigt. Ook hier zit een legende aan vast, die van Txori, een vogeltje dat het gezicht van de Maagd waste met het water uit de rivier dat hij in zijn snavel vervoerde.
Puente la reina is een bleangrijk punt waar wegen en mensen samenkomen, en het werd al gauw een economisch en cultureel rijke stad. Een bewijs hiervan is de kerk van Crucifijo, gebouwd door de Tempelridders halverwege de twaalfde eeuw, dat in haar binnenste een beeld van de Heilige maagd met haar Kindje draagt uit de twaalfde eeuw en een schitterend gothsich crucifix dat uit Duitsland afkomstig is en de vorm van een Y aanneemt.
De hoofdstraat is straat en kunstwerk in één; populaire bouwkunst, paleizen, winkels, handwerk,..
De kerk van Santiago el Mayor, eind twaalfde eeuw en opnieuw gebouwd in de vijftiende eeuw, heeft een romaanse ingang en de gothische beelden van San Bartolomé en Santiago Beltza, zo genoemd vanwege de donkere kleur dat het beeld had voordat het werd gerestaureerd (beltza betekent “zwart”).
Als we de Plaza mayor oversteken komen we bij de kerk van San Pedro met het klooster van de Sancti Espiritu, vlakbij de brug.
En men serveert: witte of rode bonen, varkens-of lamsvlees uit de oven en in het jachtseizoen kwartel, haas of patrijs met uitstekende wijn van Valdizarbe, in het bijzonder del rosé wijn.
![]() |
![]() |